Nepal

Zaterdag 12 september

gereden: 94 km

van Kneznice via Hradec Kralove naar Kostelec nad Orlici.

We beginnen de dag met regen, niet heel hard, maar toch...

Gelukkig droogt het in de loop van de ochtend alweer op en breekt de zon door.

 

 

 

Het is weer zaterdag en dat betekent hier vooral: bruidsparendag. We zullen er vandaag weer diverse zien. Van Kneznice rijden we via een binnendoorweg naar de stad Hradec Kralove, die staat aangeprijsd als 'zeker het bezoeken waard'. Dat doen we dus ook. We vinden redelijk snel een parkeerplek, net aan de rand van het centrum bij een sportcomplex.
Aan de overkant zien we een heel apart vormgegeven gebouw. Het lijkt een fabriekscomplex, maar uit informatie achteraf maken we op dat dit het Oost-Boheems streekmuseum is. Architect Jozef Kozera 'vertaalde' de toen gangbare Jugendstil in baksteen, op verzoek van de toenmalig burgemeester die zijn stad ook buiten de vesting 'aanzien' wilde geven.

Er staat ook nog een aardig beeld aan deze zijde, dat ik gebruik om een beetje aparte uitsnede te maken.

Naar het centrum lopen gaat heel vlotjes: rechtsaf de brug over, straat uit en linksaf oversteken en dan zien we al meteen de eerste mooie panden.

Op het langgerekte plein aangekomen zien we de bruidsparen zowel bij het stadhuis als bij de kerk. Bij die laatste staat ook de pastoor al in vol ornaat klaar, maar de bruid is nog druk en zenuwachtig aan het bellen. Even denken we dat de bruidegom niet op tijd hersteld is van zijn vrijgezellenfeest, maar het blijkt om een van de getuigen te gaan. Die komt na een minuut of zes met een noodgang het plein opstuiven om zich gehaast bij het gezelschap te voegen. De plechtigheid kan beginnen.

 

 

Hradec Kralovť

Deze stad -thans ook universiteitsstad- is een van de oudste van Bohemen. Ze is gebouwd op een heuvel, precies tussen de samenvloeiing van twee rivieren (Labe en Orlice). De naam van de stad is voor het eerst vermeld in 1086. Drie eeuwen later ontstonden veel gebouwen die nu nog indruk maken, zoals de H. Geest-kahedraal. Een stenen gotisch gebouw, wat voor Tsjechie vrij uitzonderlijk is. Het interieur is tegenwoordig neo-gotisch, nadat het eerder barok was.

Het Radnice (stadhuis) in renaissancestijl -eveneens aan het grote plein- is een van de andere blikvangers, naast de vrijstaande witte toren. Even verderop de barokke Maria-Hemelvaartkerk. Iets verder ligt nog een klein pleintje, met eveneens mooi gebouwen.

 

We lopen via een 'achterstraatje' terug richting kathedraal en maken daar nog wat foto's.

Onderweg naar de volgende camping komen we een aardige super tegen: de Billy. Dus daar slaan we boodschappen in en dan gaan we op weg naar Kostelec. Als we in het plaatsje zijn aangekomen, twijfelen we: is het smalle paadje langs het spoor de goede weg?? We gaan er een verder links in en dat lijkt goed te gaan. Tot we voor een smal fietsbruggetje staan. Daar past onze buzz echt niet over. Dus toch maar keren, terug naar het spoor en daar even vragen. Keurige uitleg hoe we er wel kunnen komen (zij herkennen het probleem). De weg word steeds smaller, bijna een pad... wederom twijfel, vooral omdat het navigatiesysteem blijft volhouden dat we terug moeten. dan maar even zonder Germaine. Uiteindelijk zijn we dan toch aan het eind een ingang van een camping. Heel eenvoudige voorzieningen, maar we krijgen wel een briefje mee met het verzoek op deze camping te stemmen als Camping van het Jaar. Dat gaan we zeker niet doen, want vooral 's avonds blijkt dat er wel het een en ander beter had gekund.

Aan het eind van de middag wordt er varken aan het spit gebraden en dat gaan we natuurlijk even vastleggen. We krijgen meteen een stukje spek aangeboden: smaakt best lekker op brood.

 

We blijken ook nog de pech te hebben naast een campertje te staan dat dienst doet als centraal verzamelpunt van een stel Tsjechische fietsers. Die blijven luidruchtig borrelen, tot ze om kwart voor twaalf door hebben dat wij nu toch ook echt naar bed gaan.

  We trekken door Noord-Moravie

 

Camperreis augustus / september 2009

laatst gewijzigd: 27-10-2017

           

 

 

 

 

Dwalen door de
Cesky Raj

week 3
DEEL
drie
6 september t/m 12 september

We beginnen met een ritje heen-en-weer naar de apotheek in Jicin. De zalf/olie die we gisteren meekregen om de brandwond op de voet van Loes te behandelen, zit in een heel speciaal flesje. Daarop komt een steriele dop met naald en daar steek je dan weer een injectiespuit op om de olie omhoog te zuigen. Alleen... dat laatste onderdeel zat er niet bij. Dat ontdek je natuurlijk pas op het moment dat je het 's morgens gaat gebruiken en dan met je dus terug.

Gelukkig is ook dat helemaal goed gekomen. Nu de behandeling nog.


vrijdag 11 september

gereden: 20 km.

ruim vier uur gewandeld in Hruba skala

We rijden vervolgens door naar Hruboskalske, de rotsenstad die een van de bekendste en meest bezochte van TsjechiŽ is. De zandsteenrotsen steken hier soms wel tot zo'n 55 meter omhoog. De rotsen zijn door de bewoners apart vernoemd en daar steekt vaak een hele legende achter. Zo kom je langs de 'duivelshand', de 'kapelmeester', of de 'drakenrotsen'.

We slaan bij Borek linksaf vanaf de 35, volgen de aangegeven route naar Hruba skala en vragen ons dan, als we het gehucht al weer snel uitrijden, of of dit goed gaat. Juist als we beginnen te twijfelen, zien we een kerkje en worden we door een Belg gemaand te stoppen: eerst een parkeerwachtkaartje bij hem kopen. Voor 80 kronen mogen we de rest van de dag staan, nog wel in de schaduw.

We blijken te zijn beland bij Zamek Hruba Skala: het kasteel ''Ruwe Rots'', waarover ik al het een en ander in een folder had gelezen. We smeren een broodje voor onderweg, trekken de bergschoenen aan en gaan dan op stap.

Eerst echter nemen we een kijkje in het kerkje dat aan dit pleintje staat: een alleraardigst gebouwtje met een heel aparte inrichting.

Hruba Skala is een niet al te groot kasteeltje, dat tegenwoordig in gebruik is al hotel en restaurant. De 'binnenplaats' is aan ťťn lange zijde open en je hebt vanaf hier een heel mooi uitzicht op de omgeving.

 

Op het voorplein staat een kraampje: hier maken we kennis met de traditioneel Tsjechische tridlo. Het is een rolletje deeg dat om een cilinder wordt gerold en dan boven een vuurtje bruin wordt gebakken terwijl ze ronddraaien. Je eet ze blijkbaar zo, hoewel we bij de bakker van de Praagse camping een variant in mini-uitgave hebben gezien, gevuld met een soort wit opgeklopt eiwit.

Hiernaast staan wat foto's van dit hele proces.  

Daarna gaan we wandelen door het gebied rond Hruba skale en op advies van de Belgische parkeerwacht nemen we de gele route.

Als we nog niet zo heel lang lopen en bij een uitzichtspunt komen, herken ik de plek waar vandaan een foto is gemaakt die op internet is geplaatst. Helaas is het vandaag wat heiiger, dus slot Trossky op de achtergrond komt niet helemaal goed uit de verf, maar ik ben zeker tevreden over het resultaat.

.

Als we boven zijn aangekomen bij burcht Valdstein, zien we weer twee bruidsparen. Het ene paar is blijkbaar net klaar met de ceremonie -wij zullen hen overigens later die dag nog op de camping tegenkomen, waar ze het feest geven- en het andere stel moet nog een stelletje worden. Als we langs het kasteel en de kapel lopen, omen we bij een soort bordes, met aan twee kanten trappen. Die zijn  mooi versierd en de ambtenaar -in een wit mantelpakje- staat al te wachten.

Wij verdiepen ons nog even in de historie: het geheel werd in de 13e eeuw opgericht op drie rotsformaties van ongelijke hoogte. In de 15e eeuw werd de burcht 'verdeeld', zodat een merkwaardige dubbelburcht ontstond. Na 1620 verkreeg Albrecht von Wallenstein de -kort daarvoor uitgebrande- burcht. In het barokke voorgedeelte werd een bedevaartsplaats ingericht met de St. Johannes van Nepomukkapel. De brug naar het slot toe werd opgesierd met grote beelden.

 

Meer weten: kijk op www.hrad-valdstejn.cz

 

Als we de burcht weer uitlopen, zie je links een soort herberg: daar strijken we net als wat andere bezoekers neer voor een glas oppeppend vocht, alvorens we de terugtocht aanvaarden.

 

Voor de terugweg nemen we een andere route: de rode. Die is niet alleen korter dan heen, maar laat ons uiteraard weer andere mooie dingen zien.

Geregeld vallen we van de ene verbazing in de andere: zo mooi is het hier allemaal dat het bijna niet te beschrijven is.

 

Na het avondeten loop ik nog even naar het kleinere veld, want daar staat een heel aardige zelfbouwer. Niet alleen de bus, maar ook de eigenaren: dat kan ook haast niet anders, want ze komen uit Den Haag. Hun Bedfordbus is helemaal zelf opgeknapt, zowel binnen als buiten. Ze hebben een klein zoontje en die heeft een eigen ''zwevend bed''gekregen.

's Avonds zien we bij de camping allemaal auto's van een trouwpartijtje aankomen. De buren maken ons al een beetje lekker: vorige week was de zaal ook aan een bruidspaar verhuurd en zij vierden een echte boerenbruiloft. De bruid moest de ploeg trekken en ze werd bovenop een hooiwagen gezet: allemaal erg leuk en folkloristisch.

Als ook het bruidspaar komt, herkennen we het stel: dit was het paar dat vanmiddag bij de burcht net klaar was toen wij aankwamen. Er worden op het campingveld nog wat foto's gemaakt -ik schiet zelf ook een paar plaatjes- en dan verdwijnt iedereen het restaurant in. Niks geen folklore, maar verder ook geen overlast.