Het
gebouw zit vol christelijke symboliek. Zo verwijst de centrale
toren met het grote kruis naar Christus.
De
twaalf apostelen hebben ieder een eigen klokkenspel. Elke façade
wil een moment van het leven van Christus vertonen
(geboortefaçade, lijdensfaçade).Dit was Gaudí's laatste werk: hij wijdde de laatste jaren van zijn leven uitsluitend aan de bouw en leefde al die tijd als een kluizenaar op de werf. Toen hij bij een ongeval onder een tram belandde, stierf hij en werd in 1926 begraven in de crypte van de kerk.
Tijdens
de bouw stond Gaudí erop dat hij van alles op de hoogte gehouden
werd. De ambachtslieden leidde hij zelf op, hij hield alle details
in de gaten en bleef zijn ideeën steeds veranderen tot de stijl
niet gotisch meer te noemen was.
Ook in het interieur waren
zijn ideeën doordacht. Het koor was bezet met zeven kapellen die
gegroepeerd waren rond de centrale kapel, gewijd aan de Hemelvaart van Maria.
Aan de overkant van het hoofdschip zijn
aan weerszijden van het hoofdportaal een biecht- en een doopkapel
gemaakt.
De pilaren in het schip vormen een oerwoud van zuilen, omdat Gaudí
in tegenstelling tot de bouwmeesters van de gotische kathedralen
de drukkrachten van de constructie in het interieur wilde
opvangen, zonder één enkele uitwendige steunbeer of luchtboog. Hij
wilde de zuilen een nijging geven die correspondeerde met de erop
inwerkende krachten, een techniek die hij al vaker succesvol had
toegepast. De buitenkant is ´bekleed´ met een grandioze
uitbeelding van de verlossing van de mensheid door Jezus. Om alles
zo goed mogelijk en vanuit elke hoek te bedenken en te bestuderen maakte Gaudí vele maquettes van de tempel. Deze zijn deels te zien in
enkele ruimtes van de crypte.
Als
de bouw af is, zal de basiliek de grootste ter wereld zijn. De
bovenkanten van de torens zijn waarschijnlijk geïnspireerd door
het kubisme en de decoraties zijn waarschijnlijk door de stijl Art
Nouveau geïnspireerd.
De
oorspronkelijke lengte van de torens zou drie keer zo hoog worden
als ze nu zijn. Bij het geboortegedeelte is veel decoratiewerk. Je
ziet daar onder meer drie poorten: "Fe", "Esperanca" en "Caritat" (geloof, hoop en
liefde) die de ingang vormen naar de vleugel van het Epistel van de
kruisweg. Daarin komen in de vorm van beelden en reliëfs scènes
voor uit het leven van Christus en uit de Mysteries van de
Rozenkrans.
Feestelijke opening
De bouw van de ´verzoeningskerk´ wordt betaald door donaties. Mede hierdoor, omdat er zo weinig geld beschikbaar is, duurt de bouw extreem lang. Vanaf de jaren tachtig kan de bouw door de inkomsten uit het toerisme worden versneld.
De bouwers hebben medio juli 2006 de verwachting uitgesproken dat eind 2008 de overkapping van de centrale beuk klaar is. Verwacht wordt dat de gehele kerk rond 2025 af zal zijn. De feestelijke ingebruikname zou dan kunnen plaatsvinden op de honderdste sterfdag van Gaudí: 10 juni 2026.
Terug naar het appartement
Wij zoeken weer een mooie
route terug richting de oude stad. Allereerst komen we langs een
heel schilderachtig straatje: de Passeig de Fort.
We wandelen door naar de Passeig de Sant Joan: als je daar linksaf
slaat kom je zó bij de Arc de Triomf. Daar duiken we weer echt de
oude stad in, nemen onderweg nog even extra drank mee en wat
ingrediënten voor het eten. De avond brengen we in gepaste rust
door: wat lezend en gezellig de belevenissen van die dag nogeens
doornemend.







Rond de kathedraal is een
'ommegang', een koele kloostergang waar vrome Barceloneta's een kaarsje opsteken en bidden bij een
van de patroonheiligen, terwijl de hordes toeristen rustig doorgaan met
fotograferen en filmen.

Zo te zien moeten hier twee wegverbindingen dwarsdoorheen worden
aangelegd. Of ze er ooit na voltooiing dan weer een 'subtropisch park'
bovenop zullen aanleggen, valt nog te bezien.
We betalen onze entree en beginnen meteen te fotograferen,
want alles wat je hier ziet is de moeite waard om te worden vastgelegd als
herinnering. We lopen de treden omhoog naar de Sala Hipostilla, de door
zuilen geschraagde zaal. Deze was oorspronkelijk bedoeld als marktplaats. Er
staan 86 zuilen, elk van 6.16 meter hoog, waarvan de buitenste schuin staan.
Ook hier wordt duidelijk dat Gaudi, de man van het detail, aan het werk is
geweest: sommige zuilen bevatten afvoerkanaaltjes voor het regenwater vanaf
'het dak', waar volgens de plannen spectaculaire culturele activiteiten
zouden moeten plaatsvinden.
Weliswaar
had hier dus een soort villawijk moeten verrijzen, maar achteraf kun je
rustig stellen dat het hier dan nooit zó druk zou zijn geworden met
bezoekers als nu. Bovendien: de Barcelonezen koesteren deze groene plek in
hun stad.
We lopen door naar het naastgelegen plein, vóór de
kathedraal. Het fototoestel geeft aan graag nieuwe energie te krijgen, dus gaat
het tasje open en dan volgt de ontgoocheling: ik ben bestolen!